Terug
Gepubliceerd op 21/12/2020

2020_GR_00273 - Belasting op de afgifte, aktename en behandeling van omgevingsvergunningen en op het bouwen en verbouwen (2021-2025) - Beslissing

gemeenteraad
do 17/12/2020 - 20:00 Raadzaal
2020_GR_00273 - Belasting op de afgifte, aktename en behandeling van omgevingsvergunningen en op het bouwen en verbouwen (2021-2025) - Beslissing 2020_GR_00273 - Belasting op de afgifte, aktename en behandeling van omgevingsvergunningen en op het bouwen en verbouwen (2021-2025) - Beslissing

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

dlb0004

Aanleiding en motivering

Het is een gemeentelijke taak om stedenbouwkundige aanvragen te behandelen.

Het behandelen van de aanvragen van stedenbouwkundige documenten is een administratieve taak waarvan de complexiteit afhangt van de samenstelling van het dossier.

Het bekomen van een stedenbouwkundige  of verkavelingsvergunning geeft de aanvrager het recht te (ver)bouwen, het creëren van bijkomende percelen, … waardoor eveneens de impact op en het gebruik van het openbaar domein wijzigt. 

Het is billijk om een vergoeding te vragen voor het afleveren van stedenbouwkundige documenten om de kostprijs te dekken. 

Het is echter niet de bedoeling om het bouwen en/of de bouw van gebouwen met een bedrijfsactiviteit te ontmoedigen. Daarom is het wenselijk om een andere tarifering toe te passen voor de bouw van bedrijfsgebouwen in KMO-zones en voor constructies voor landbouw- of industriedoeleinden.

Het volume van een meergezinswoning en eengezinswoning kan dezelfde zijn, maar wanneer binnen dit volume meerdere entiteiten worden ingericht, zal de impact op het openbaar domein (= reden van een bouwtaks te vragen) wel groter zijn dan bij een eengezinswoning. Vandaar dat een factor wordt toegepast voor meergezinswoningen.

De vastgestelde tarieven blijven ongewijzigd.

Juridische gronden

Decreet van 25 april 2014 betreffende de Omgevingsvergunning
Besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de  invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
De financiële toestand van de gemeente.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, en alle latere wijzigingen.
Omzendbrief KB/ABB 2019/2 betreffende de gemeentefiscaliteit

Regelgeving bevoegdheid

Artikel 40 §3 van het decreet lokaal bestuur
Artikel 40 §3 van het decreet lokaal bestuur: De gemeenteraad stelt de gemeentelijke reglementen vast. Met behoud van de toepassing van de federale wetgeving in verband met de bevoegdheid van de gemeenteraad om politieverordeningen vast te stellen, kunnen de reglementen onder meer betrekking hebben op het gemeentelijk beleid, de gemeentelijke belastingen en retributies, en op het inwendige bestuur van de gemeente.

Besluit

De gemeenteraad beslist:

Artikel 1

Er wordt voor de aanslagjaren  2021 tot en met 2025  een een contantbelasting geheven op de behandeling van aanvragen voor het verkrijgen van een omgevingsvergunning of aktename en op het bouwen of verbouwen.

Artikel 2

De belasting is verschuldigd door de aanvrager van het document op het moment van afgifte van de vergunning. Deze belasting(en) zijn eveneens verschuldigd door de aanvrager wanneer de vergunningsverlenende overheid de provincie of het gewest is.

Artikel 3

De minimumbelasting voor de aanvraag van een omgevingsvergunning wordt vastgesteld op 30,00 euro.
Deze minimumbelasting is ook verschuldigd voor de aanvragen van een omgevingsvergunning die een weigering opleveren of aanvragen die worden ingetrokken.

 Voor vergunningen die na één of meerdere beroepsprocedures worden bekomen, is de belasting verschuldigd volgens de vastgestelde tarieven maar zal de reeds gefactureerde minimumbelasting verrekend worden.

Artikel 4

De belasting wordt als volgt bepaald:

DEEL A: BELASTING OP DE BEHANDELING VAN AANVRAGEN VOOR HET VERKRIJGEN VAN EEN OMGEVINGSVERGUNNING OF AKTENAME

a) op de hiernavolgende aanvragen:

  1. aktename van een ingedeelde inrichting of activiteit 30,00 euro
  2. aktename voor het uitvoeren van stedenbouwkundige handelingen 30,00 euro
  3. vergunning voor het uitvoeren van stedenbouwkundige handelingen: 30,00 euro
  4. vergunning voor een ingedeelde inrichting of activiteit:

              a)    gewone procedure 150,00 euro
              b)    vereenvoudigde procedure 75,00 euro

      5. vergunning voor het verkavelen van gronden: per lot 125,00 euro

      6. bijstelling van een verkavelingsvergunning/omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden: 250,00 euro

      7.omzetting van een milieuvergunning voor 20 jaar naar een permanente vergunning: 75,00 euro

      8.stedenbouwkundig attest: 60,00 euro

      9. stedenbouwkundige inlichtingen: 60,00 euro

      10. planologisch attest: 150,00 euro

b) Allen vermeerderd met de kosten van het openbaar onderzoek:

  1. prijs per brief werkelijke portkosten
  2. publicatiekosten werkelijke kostprijs

c) Voor analoog ingediende aanvragen tot vergunning en/of aktename, die door de gemeente dienen te worden gedigitaliseerd, wordt een meerkost gerekend van 100,00 euro.

DEEL B: BELASTING OP HET BOUWEN EN VERBOUWEN

a) op de aanvraag van een omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen voor gebouwen en/of functiewijzigingen:

Tot en met 500m³ = € 0,5 /m³

Van 501m³ tot en met 750 m³ = € 0,75 /m³

Van 751m³ tot en met 1000 m³ = € 1,00 /m³

Groter dan 1000 m³ = € 1,25 /m³

Voor een meergezinswoning tot en met 3 woonentiteiten wordt de belasting vermenigvuldigd met 1,5.

Voor een meergezinswoning vanaf 4 woonentiteiten wordt de belasting vermenigvuldigd met 2.

Het creëren van bijkomende woongelegenheden binnen een bestaand volume is onderworpen aan een bijkomende forfaitaire belasting van € 750,00 /extra wooneenheid.

b) op de aanvraag van een omgevingsvergunning voor het bouwen, verbouwen of herbouwen van constructies voor landbouw- of industriedoeleinden

tot 1000 m³ = € 0,75 /m³

vanaf 1001 m³ = € 0,50 /m³

c) op de aanvraag van een omgevingsvergunning voor verandering aan gevels alsook voor afsluitingsmuren gelegen langs de straat: 1€/m²

d) Op de aanvraag van een omgevingsvergunning voor reliëfwijzigingen of het aanleggen / het plaatsen van niet-overdekte constructies, waaronder dient te worden verstaan: “constructies zonder bouwvolume waarvan de hoogte beperkt is tot 1,5 m boven het maaiveld (terras, zwembad,…): € 1 /m²

e) Op de aanvraag van een omgevingsvergunning voor het oprichten van reclamepanelen en lichtreclames: € 25/m²

indien ze dubbelzijdig zijn worden beide oppervlakten aangerekend.

Elk gedeelte van een m² of m³ worden respectievelijk beschouwd als een gehele m² of m³.

Ingeval er meerdere bedragen uit bovenstaande onderdelen van toepassing zijn, dienen de bedragen cumulatief te worden toegepast.

Deel B van de belasting kan teruggevraagd worden door de aanvrager wanneer de vergunde werken niet werden aangevat binnen de geldigheidstermijn van de verleende vergunning. Het terugvragen van de belasting (deel B) kan ten vroegste de eerste dag nadat de vergunning vervallen is.

Artikel 5

Zijn van de belasting vrijgesteld:

  1. de gerechtelijke overheden, de openbare besturen en de daarmede gelijkgestelde instellingen, alsook de instellingen van openbaar nut (en hun vertegenwoordigers).
  2. de Vlaamse Huisvestingsmaatschappijen en de door de Vlaamse Huisvestingsmaatschappijen erkende sociale huisvestingsmaatschappijen (en hun vertegenwoordigers).
  3. ten gevolge van een als ramp erkend feit, een brand of ontploffing of een oorlogsfeit kan het college aan de gemeenteraad voorstellen om de aanvrager van de vergunning vrij te stellen van de belasting voor het gedeelte dat geen uitbreiding van het vernielde gebouw of gedeelte van het gebouw is, om het even welke de plaats in dezelfde gemeente is en waar ze heropgericht worden.

Artikel 6

De aanvragen voor gebouwen gedeeltelijk behorend tot het grondgebied van de gemeente en gedeeltelijk behorend tot een andere gemeente, zullen slechts belast worden voor het gedeelte van het gebouw gelegen op het grondgebied van onze gemeente.

Artikel 7

Het bouwvolume wordt berekend volgens de definitie van de VCRO (art. 4.1.1. 2°) en is als volgt: het bruto-bouwvolume van een constructie en haar fysisch aansluitende aanhorigheden die in bouwtechnisch opzicht een rechtstreekse aansluiting of steun vinden bij het hoofdgebouw, zoals een aangebouwde garage, veranda of berging, gemeten met inbegrip van buitenmuren en dak, en met uitsluiting van het volume van de gebruikelijke onderkeldering onder het maaiveld.

Gemene muren worden slechts voor de helft van hun dikte in aanmerking genomen.

Artikel 8

Huidig reglement heft het reglement dd. 19/12/2019 betreffende hetzelfde onderwerp op.