Het besluit van de burgemeester van 14 maart 2022 werd bekrachtigd door de gemeenteraad op 31 maart 2022.
Op 28 maart 2022 communiceerde het Agentschap Binnenlands Bestuur dat er tot eind april digitaal of hybride kan worden vergaderd mits een burgemeestersbesluit in die zin.
Op 30 maart 2022 nam de burgemeester een besluit tot tijdelijke politieverordening in overeenstemming met vermelde richtlijnen van ABB.
Het burgemeestersbesluit van 30 maart 2022 wordt ter bekrachtiging voorgelegd aan de gemeenteraad.
Besluit van de burgemeester van 30 maart 2022 houdende de tijdelijke politieverordening over de wijze van vergaderen van de gemeenteraad, raad voor maatschappelijk welzijn, raad van bestuur van het AGB, de gemeenteraadscommissies en het Bijzonder Comité voor de Sociale Dienst.
Het besluit van de burgemeester van 30 maart 2022 houdende goedkeuren van de tijdelijke politieverordening over het digitaal vergaderen van de gemeenteraad, raad voor maatschappelijk welzijn en raad van bestuur van het AGB, de gemeenteraadscommissies en het Bijzonder Comité voor de Sociale Dienst, wordt bekrachtigd.
De notulen van de openbare zitting van de gemeenteraad van 31 maart 2022 worden ter goedkeuring voorgelegd.
De notulen zijn raadpleegbaar op hierna vermelde link: https://www.sint-pieters-leeuw.be/downloads/notulen-gemeenteraad-van-31-maart-2022-0
De notulen liggen ook ter inzage op het secretariaat.
De audio opname is raadpleegbaar op hierna vermelde link: https://www.sint-pieters-leeuw.be/downloads/audio-opname-gemeenteraad-van-31-maart-2022
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 32.
Het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad van 31 januari 2019, in het bijzonder hoofdstuk 8, artikel 33 tot 35.
De gemeenteraad keurt de notulen van de openbare zitting van 31 maart 2022 goed.
Het plant- en tuinbedrijf 'Groendekor', gelegen te 1600 Sint-Pieters-Leeuw, Bergensesteenweg 408, heeft renovatie- en uitbreidingswensen en plande hiertoe de nodige investeringen. Het gaat concreet om een uitbreiding van het bestaande bedrijfsgebouw, een overdekking van de planten in open lucht en een uitbreiding van de bestaande parking. De wensen van Groendekor zijn deels strijdig met de voorschriften van het RUP Wautersstraat dat op deze locatie van toepassing is. De gemeente is van mening dat het RUP Wautersstraat opnieuw geëvalueerd en geoptimaliseerd moet worden.
Daarnaast wenst de gemeente de ontwikkeling van de aanpalende recreatiezone te optimaliseren, alsook het binnengebied te ontsluiten.
Er werd om voormelde redenenen een convenant opgesteld die tot doel heeft een samenwerking tussen de gemeente en een privaat bedrijf tot stand te brengen. Het gaat om een overeenkomst tussen de gemeente en Groendekor, waarbij:Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning en alle latere wijzigingen en uitvoeringsbesluiten;
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en alle latere wijzigingen en uitvoeringsbesluiten;
Het RUP 'Wautersstraat' van 31 januari 2013.
De gemeenteraad keurt het convenant en de optie-overeenkomst (huur- en koopoptie) tussen de gemeente Sint-Pieters-Leeuw en het plant- en tuinbedrijf 'Groendekor', zoals opgenomen als bijlage en integraal deel uitmakend van dit besluit, goed.
Per 1 december 2022 gaat de directeur van de Leeuwse Kunstacademie met pensioen.
Aangezien er geen wervingsreserve meer bestaat waaruit kan worden geput om dit ambt in te vullen, is het aangewezen een wervingprocedure te organiseren.
De gemeenteraad bepaalt als wetgevend orgaan het algemeen kader voor werving en selectie van het ambt van directeur voor het deeltijds kunstonderwijs. Het college van burgemeester en schepenen is als aanstellende overheid bevoegd om de concrete, individuele selectieprocedure vast te stellen.
De laatste keer dat een wervings- en selectieprocedure doorlopen werd voor het ambt van directeur in het deeltijds kunstonderwijs is geleden van het jaar 2000. De beslissing van 16 november 2000 met het kader voor werving en selectie wordt opgeheven en er wordt een nieuw kader vastgesteld.
Het dossier werd voorgelegd aan het Afzonderlijk Bijzonder Overleg- en Onderhandelingscomité Onderwijs.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om voor het bevorderingsambt van directeur van de Leeuwse Kunstacademie gelet op het kaderprofiel, de algemene regels van de selectieprocedure en de wervingsreserve, de aanstelling op proef, het verloop van de proefperiode en de wijze van evaluatie met het oog op vaste benoeming vast te stellen.
Het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding , de artikelen 19, 37bis, 40, 41 en 42.
Het besluit van de Vlaamse Regering van 7 december 2007 houdende de minimale voorwaarden voor de personeelsformatie, de rechtspositieregeling en het mandaatstelsel van het gemeentepersoneel en het provinciepersoneel en houdende enkele bepalingen betreffende de rechtspositie van de secretaris en de ontvanger van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
Het decreet van 9 maart 2018 betreffende het deeltijds kunstonderwijs, afdeling 3 - omkadering bestuurspersoneel.
Het kader voor werving van een directeur deeltijds kunstonderwijs, vastgesteld door de gemeenteraad van 16 november 2000, wordt opgeheven.
Het ambt van directeur deeltijds kunstonderwijs kan bij wijze van aanwerving of bevordering worden begeven. Het college van burgemeester en schepenen neemt hierover een beslissing.
Uiterlijk bij de vacantverklaring van het ambt van directeur neemt het college van burgemeester en schepenen een beslissing over het al dan niet opsplitsen van het ambt van directeur en over de opsplitsingsbreuk.
Het kaderprofiel schoolleiderschap is uitgewerkt door OVSG (Onderwijsdienst voor steden en gemeenten) en steunt op het referentiekader voor leidinggeven in scholen, centra en academies. Het profiel bevat kernopdrachten en -competenties van schoolleiderschap, kennis op het vlak van onderwijs, intrapersoonlijke, interpersoonlijke en oplossingsgerichte competenties en competenties i.v.m. denken.
De minimale termijn tussen de datum van bekendmaking van de vacature en de uiterste datum van de indiening van de kandidaturen is twee weken.
Het verspreiden van het vacaturebericht volgt de op dat moment geldende afspraken van de vacatureberichten voor het lokaal bestuur van de gemeente Sint-Pieters-Leeuw.
Volgende zaken worden minimaal opgenomen in het vacaturebericht:
De selectieproef bestaat uit een schriftelijke, mondelinge en psychotechnische proef.
De schriftelijke en mondelinge proef worden uitgevoerd door een jury die bestaat uit drie deskundigen, bij voorkeur uit een verschillend geslacht.
De deskundigen worden nominatief uit de hierna vermelde categorieën door het college van burgemeester en schepenen aangesteld:
- als externen: directeurs van gelijkaardige academies, vertegenwoordigers van het OVSG, een psychosociaal consulent;
- als secretaris: algemeen directeur of een personeelslid van de gemeentelijke diensten als niet-stemgerechtigd lid.
Leden van de onderwijsinspectie, bloed- en aanverwanten tot en met de derde graad of echtgenoten/samenwonende partners van de kandidaten en leden van de gemeenteraad en van het college of hun echtgenoot of wettelijk samenwonende partner kunnen geen lid zijn van de jury.
Afgevaardigden van de representatieve vakorganisaties kunnen de selectieproef bijwonen zonder evenwel te zetelen in de jury en deel te nemen aan de deliberaties.
Aan de leden van de jury en de secretaris worden overeenkomstig de bepalingen vastgelegd in de gemeenteraadsbeslissing van 29 juni 1995 houdende de vaststelling van de toelagen aan de leden, de secretaris en de helpers van de selectiecommissie, een vergoeding voor het afnemen van een selectieproef voor niveau A toegekend, gewijzigd bij de gemeenteraadsbeslissing dd. 4 december 2003.
De psychotechnische proeven worden afgenomen door een selectiebureau.
Het college van burgemeester en schepenen legt het programma en de quotering van de selectieproef vast.
Er wordt een afzonderlijke wervingsreserve aangelegd voor de duurtijd van drie jaar, verlengbaar met twee jaar.
De geldigheidsduur van de reserve vangt aan op de eerste dag van de maand volgend op de datum van het proces-verbaal van de selectieprocedure opgesteld door de selectiecommissie.
Het personeelslid moet op het moment van de aanstelling (zowel bij vaste benoeming als bij tijdelijke aanstelling) in het ambt van directeur voldoen aan de minimale wettelijke voorwaarden uit het decreet rechtspositie personeelsleden gesubsidieerd onderwijs en uit het besluit van de Vlaamse Regering van 7 december 2007 en aan de aanvullende voorwaarden die door het college van burgemeester en schepenen worden vastgelegd.
Het college van burgemeester en schepenen beslist uiterlijk op het einde van het tweede volledige schooljaar de op proef aangestelde directeur vast te benoemen of te laten terugkeren naar zijn vorig ambt.
Tijdens de proefperiode wordt het functioneren beoordeeld op basis van de realisaties van een vooraf opgesteld en goedgekeurd beleidsplan. Te dieneinde wordt een tussentijds en eindrapport met een advies dat niet bindend is, opgesteld door twee adviseurs en voorgelegd aan het college van burgemeester en schepenen.
De op proef aangestelde directeur wordt tijdens de proefperiode en binnen de afspraken van een specifiek begeleidingsplan gecoacht door de pedagogische begeleidingsdienst OVSG.
De procedure voor het opstellen van het tussen- en het eindrapport met advies, wordt als volgt vastgelegd:
De diensten die een kandidaat ononderbroken tot de datum van zijn statutaire aanstelling op proef in tijdelijk verband heeft vervuld als directeur deeltijds kunstonderwijs in de desbetreffende school, kunnen in aanmerking worden genomen voor de proeftijd, op voorwaarde dat de tijdelijk aangestelde directeur volgens de modaliteiten vermeld in artikel 12 prestaties heeft geleverd en zijn functioneren werd beoordeeld.
Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de verdere uitvoering van dit besluit en tot het organiseren van het wervingsexamen.
Al in 2020, dus ruim voor de opzegging door de verzekeraars, begon de VVSG met het onderzoeken van mogelijke nieuwe pistes voor de aanvullende pensioenen. Sinds 2010 is er immers enorm veel veranderd. Een aanvullend pensioen voor contractanten van lokale besturen is zo goed als veralgemeend, met bovendien het sectorale akkoord van 2020 dat een minimumbijdrage van 2,5 % oplegt. Door de ‘Wet Bacquelaine’ van 2018 kunnen besturen zelfs een korting op de responsabiliseringsbijdrage krijgen als ze een voldoende hoge tweede pijler aanbieden aan hun contractanten.
Daarnaast rees de vraag naar de mogelijkheid om een aanvullend pensioen ook in kapitaal uit te betalen, was er de dreigende stopzetting van de groepsverzekering door de aanhoudend lage marktrente (wat intussen ook is gebeurd), waren andere aanbieders van aanvullende pensioenen in de publieke sector op zoek naar schaal, enz. Daarom gaf de VVSG in 2020 aan Everaert Actuaries de opdracht om voorstellen te formuleren voor een aanpassing van de aanvullende pensioenen, met drie randvoorwaarden: de oplossing moest billijk zijn voor de medewerkers, betaalbaar en voorspelbaar voor de besturen en beschikbaar op de markt.
Op basis van de conclusies van de studie voerde de VVSG verkennende gesprekken met diverse betrokken spelers. Dat leidde in september 2021 tot een akkoord met OFP Provant (intussen OFP PPROLOCUS) om tegen 2022 een nieuw aanbod voor aanvullende pensioenen door lokale besturen van het Vlaamse Gewest klaar te hebben.
Daarnaast werd ook een intentieverklaring afgesloten tussen OFP Vlaams Pensioenfonds, OFP Provant en de VVSG waarin de drie zich engageren om de komende jaren te werken aan meer samenwerking (tot mogelijk zelfs een samensmelting) rond aanvullende pensioenen binnen de publieke sector in Vlaanderen.
Het BOC van 30 maart 2022 ging akkoord met de intentie om toe te treden vanaf 1 januari 2022, geen steprate te voorzien, de pensioentoezegging te behouden en een MIPS-groep te vormen.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om:
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd kennis te nemen en in te stemmen met:
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd kennis te nemen van de verklaring inzake beleggingsbeginselen (SIP) (algemeen luik en luik VVSG) en de statuten.
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld in te stemmen met het feit dat de door het financieringsplan verschuldigde bijdragen en de kosten voor het functioneren van OFP PROLOCUS zullen worden geïnd door de RSZ in naam en voor rekening van OFP PROLOCUS.
Als bijlage zitten alle begeleidende documenten voor de opstart en de nota die voorgelegd werd aan het BOC voor extra informatie.
De rechtspositieregeling voor het gemeentepersoneel, vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 11 december 2008, en alle latere wijzigingen.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
De ‘Wet Bacquelaine’ van 30 maart 2018 waardoor besturen een korting op de responsabiliseringsbijdrage krijgen als ze een voldoende hoge tweede pijler aanbieden aan hun contractanten.
Het sectoraal akkoord van 2020 dat een minimale bijdrage van 2,5 % oplegt.
De gemeenteraad gaat akkoord om toe te treden tot OFP PROLOCUS vanaf 1 januari 2022 en de eraan gekoppelde modaliteiten qua pensioentoezegging en hiertoe onverwijld een verzoek tot aanvaarding als lid van de Algemene Vergadering te richten tot OFP PROLOCUS.
De gemeenteraad gaat akkoord om de pensioentoezegging te behouden op 3 % van het pensioengevend loon.
De gemeenteraad gaat akkoord om om geen 'step rate' of eventueel andere toezegging voor sommige personeelcategorieën te voorzien.
De gemeenteraad gaat akkoord om om een 'MIPS-groep' te voorzien tussen de gemeente en het OCMW.
De gemeenteraad neemt kennis van en stemt in met:
De gemeenteraad neemt kennis van de verklaring inzake beleggingsbeginselen (SIP) (algemeen luik en luik VVSG) en de statuten.
De gemeenteraad stemt in met het feit dat de door het financieringsplan verschuldigde bijdragen en de kosten voor het functioneren van OFP PROLOCUS zullen worden geïnd door de RSZ in naam en voor rekening van OFP PROLOCUS.
De gemeenteraad onderschrijft om erop toe te zien dat de beleggingen van OFP PROLOCUS duurzaam zijn.
De voorzitter van de gemeenteraad en de algemeen directeur worden gemachtigd om de noodzakelijke vervolgstappen te nemen voor de uitvoering van voormelde beslissingen.
Aan de gemeenteraad wordt in zitting van heden voorgesteld toe te treden tot OFP PROLOCUS (Instelling voor Bedrijfspensioenvoorziening). In dat geval kan de gemeenteraad een effectief vertegenwoordiger en plaatsvervanger aanduiden in de algemene vergadering van OFP PROLOCUS.
De beslissing van de gemeenteraad van heden betreffende goedkeuring toetreding OFP PROLOCUS.
De statuten van OFP PROLOCUS , in het bijzonder Hoofdstuk IV, algemene vergadering, artikel 15, samenstelling.
Bij geheime stemming:
Mevrouw Veerle Seré, schepen, wordt aangeduid als effectief vertegenwoordiger in de algemene vergadering van OFP PROLOCUS.
Bij geheime stemming:
Mevrouw An Speeckaert, schepen, wordt aangeduid als plaatsvervanger vertegenwoordiger in de algemene vergadering van OFP PROLOCUS.
Het college van burgemeester en schepen wordt gelast met de uitvoering van dit besluit en in het bijzonder met het in kennis stellen daarvan aan OFP PROLOCUS, Koningin Elisabethlei 22 in 2018 Antwerpen.
De gemeente is aangesloten bij Haviland die werd opgericht op 24 maart 1965 bij oprichtingsakte verschenen in de Bijlage tot het Belgisch Staatsblad van 16 april 1965 onder het nummer 8226 en verlengd werd op 23 oktober 2019, verschenen in de Bijlage tot het Belgisch Staatsblad van 21 november 2019 onder het nummer 19151652.
Haviland als intergemeentelijk samenwerkingsverband voor de ruimtelijke ordening en de economisch sociale expansie van het arrondissement Halle-Vilvoorde, is een dienstverlenende vereniging die wordt beheerst door het decreet over het lokaal bestuur.
Bij e-mail van 25 maart 2022 werd de gemeenteraad uitgenodigd om deel te nemen aan de gewone algemene vergadering. Deze zal worden gehouden op woensdag 22 juni 2022 om 18 uur in de kantoren van Haviland, Brusselsesteenweg 617 in 1731 Zellik.
De gemeenteraad moet het mandaat van zijn vertegenwoordiger herhalen voor elke algemene vergadering en hem mandateren om de agendapunten al dan niet goed te keuren.
In de gemeenteraad van 28 februari 2019 werd raadslid Wim Peeters aangeduid als effectief vertegenwoordiger en raadslid Ann De Ridder als plaatsvervanger van de gemeente op de algemene vergaderingen van Haviland gedurende de huidige legislatuur.
De oproepingsbrief van 25 maart 2022 tot de gewone algemene vergadering van Haviland van 22 juni 2022 bevat volgende agendapunten:
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, deel 3, titel 3 inzake de intergemeentelijke samenwerking en in het bijzonder op artikel 432, derde lid dat bepaalt dat vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger moet worden herhaald voor elke algemene vergadering.
De statuten van Haviland.
Op basis van de bekomen documenten keurt de gemeenteraad de agendapunten van de gewone algemene vergadering van Haviland van 22 juni 2022, overgemaakt per e-mail van 25 maart 2022, goed.
De vertegenwoordiger/plaatsvervanger van de gemeente wordt gemandateerd om op de gewone algemene vergadering van Haviland van 22 juni 2022 te handelen en te beslissen conform dit besluit. Indien de algemene vergadering niet geldig zou kunnen beraadslagen of indien deze algemene vergadering om welke reden dan ook zou worden verdaagd, dan blijft de vertegenwoordiger/plaatsvervanger van de gemeente gemachtigd om deel te nemen aan elke volgende vergadering met dezelfde agenda.
Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de uitvoering van dit besluit en in het bijzonder met het in kennis stellen daarvan aan Haviland, Brusselsesteenweg 617 in 1731 Zellik of via e-mail: info@haviland.be
De gemeente is aangesloten bij Iverlek.
Bij aangetekend schrijven van 30 maart 2022 werd de gemeenteraad uitgenodigd om deel te nemen aan de algemene vergadering tevens jaarvergadering. Deze zal worden gehouden op vrijdag 17 juni 2022 om 18 uur in Quartier Papier, Fabrieksstraat 55/59 in 1930 Zaventem, dit onder voorbehoud van de eventuele verdere ontwikkelingen rond het coronavirus Covid-19.
De gemeenteraad moet het mandaat van zijn vertegenwoordiger herhalen voor elke algemene vergadering en hem mandateren om de agendapunten al dan niet goed te keuren.
In de gemeenteraad van 28 februari 2019 werd raadslid Gust Crabbe aangeduid als effectief vertegenwoordiger en raadslid Jeroen Tiebout als plaatsvervanger van de gemeente op de algemene vergaderingen van Iverlek gedurende de huidige legislatuur.
De aangetekende oproepingsbrief van 30 maart 2022 tot de algemene vergadering tevens jaarvergadering van Iverlek van 17 juni 2022 bevat volgende agendapunten:
Gelet op het feit dat we heden geconfronteerd worden met het coronavirus Covid-19, waarbij het op heden niet vaststaat onder welke vorm deze algemene vergadering zal kunnen plaatsvinden.
Gelet op de huidige federale richtlijnen alsook de politiebesluiten van de gouverneurs en de informatie via het Agentschap Binnenlands Bestuur omtrent het coronavirus Covid-19 (en de mogelijke evolutie in en aanpassing van deze richtlijnen en informatie) en de impact hiervan op onderhavige bijeenkomst kan desgevallend overgegaan worden tot het houden van een digitale algemene vergadering indien dit noodzakelijk mocht blijken.
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, deel 3, titel 3 inzake de intergemeentelijke samenwerking en in het bijzonder op artikel 432, derde lid dat bepaalt dat vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger moet worden herhaald voor elke algemene vergadering.
De statuten van Iverlek.
Op basis van de ontvangen documenten keurt de gemeenteraad de agendapunten van de algemene vergadering tevens jaarvergadering van Iverlek van 17 juni 2022, bezorgd per aangetekend schrijven van 30 maart 2022, goed.
In geval van een fysieke of digitale algemene vergadering:
De vertegenwoordiger/plaatsvervanger van de gemeente, die fysiek dan wel digitaal zal deelnemen aan de algemene vergadering tevens jaarvergadering van Iverlek op 17 juni 2022 (of iedere andere datum waarop deze uitgesteld of verdaagd zou worden), wordt gemandateerd om op de algemene vergadering tevens jaarvergadering van 17 juni 2022 te handelen en te beslissen conform dit besluit. Indien de algemene vergadering niet geldig zou kunnen beraadslagen of indien deze algemene vergadering om welke reden dan ook zou worden verdaagd, dan blijft de vertegenwoordiger/plaatsvervanger van de gemeente gemachtigd om deel te nemen aan elke volgende vergadering met dezelfde agenda.
Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de uitvoering van dit besluit en in het bijzonder met het in kennis stellen daarvan aan Iverlek, ter attentie van het secretariaat via e-mail: vennootschapssecretariaat@fluvius.be
De gemeente is aangesloten bij Riobra.
Bij aangetekend schrijven van 4 april 2022 werd de gemeenteraad uitgenodigd om deel te nemen aan de algemene vergadering tevens jaarvergadering. Deze zal worden gehouden op woensdag 22 juni 2022 om 18 uur in het Fluvius-gebouw, Diestsesteenweg 126 in 3210 Lubbeek, dit onder voorbehoud van de eventuele verdere ontwikkelingen rond het coronavirus Covid-19.
De gemeenteraad moet het mandaat van zijn vertegenwoordiger herhalen voor elke algemene vergadering en hem mandateren om de agendapunten al dan niet goed te keuren.
In de gemeenteraad van 28 februari 2019 werd schepen Bart Keymolen aangeduid als effectief vertegenwoordiger en raadslid Wim Peeters als plaatsvervanger van de gemeente op de algemene vergaderingen van Riobra gedurende de huidige legislatuur.
De aangetekende oproepingsbrief van 4 april 2022 tot de algemene vergadering tevens jaarvergadering van 22 juni 2022 bevat volgende agendapunten:
1. Kennisneming verslagen van Riobra van de Raad van Bestuur en van de commissaris over het boekjaar 2021.
2. Goedkeuring van de jaarrekening van Riobra afgesloten op 31 december 2021 (balans, resultatenrekening, winstverdeling, boekhoudkundige besluiten en waarderingsregels).
3. Kwijting te verlenen afzonderlijk aan de bestuurders, de leden van de regionale bestuurscomités en de commissaris van Riobra met betrekking tot het boekjaar 2021.
4. Desgevallend aanvaarding uitbreiding activiteiten gemeenten voor (neven)activiteiten.
5. Statutaire benoemingen.
6. Statutaire mededelingen.
Gezien het feit dat we heden nog steeds geconfronteerd worden met het coronavirus Covid-19, staat het niet vast onder welke vorm deze algemene vergadering zal kunnen plaatsvinden.
Gelet op de huidige federale richtlijnen alsook de politiebesluiten van de gouverneurs en de informatie via het Agentschap Binnenlands Bestuur omtrent het coronavirus Covid-19 (en de mogelijke evolutie in en aanpassing van deze richtlijnen en informatie) en de impact hiervan op onderhavige bijeenkomst, kan desgevallend overgegaan worden tot het houden van een digitale algemene vergadering indien dit noodzakelijk mocht blijken.
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, deel 3, titel 3 inzake de intergemeentelijke samenwerking en in het bijzonder op artikel 432, derde lid dat bepaalt dat vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger moet worden herhaald voor elke algemene vergadering.
De statuten van Riobra.
Op basis van de bekomen documenten keurt de gemeenteraad de agendapunten van de algemene vergadering tevens jaarvergadering van Riobra van 22 juni 2022, bezorgd per aangetekend schrijven van 4 april 2022, goed.
In geval van een fysieke of digitale algemene vergadering:
De vertegenwoordiger/plaatsvervanger van de gemeente, die fysiek dan wel digitaal zal deelnemen aan de algemene vergadering tevens jaarvergadering
van Riobra op 22 juni 2022 (of iedere andere datum waarop deze uitgesteld of verdaagd zou worden), wordt gemandateerd om op de algemene vergadering tevens jaarvergadering
van 22 juni 2022 te handelen en te beslissen conform dit besluit. Indien de algemene vergadering niet geldig zou kunnen beraadslagen of indien deze algemene vergadering om welke reden dan ook zou worden verdaagd, dan blijft de vertegenwoordiger/plaatsvervanger van de gemeente gemachtigd om deel te nemen aan elke volgende vergadering met dezelfde agenda.
Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de uitvoering van dit besluit en in het bijzonder met het in kennis stellen daarvan aan Riobra, ter attentie van het secretariaat via e-mail: vennootschapssecretariaat@fluvius.be
De gemeente is aangesloten bij TMVS dv.
Bij aangetekend schrijven van 5 april 2022 werd de gemeenteraad uitgenodigd om deel te nemen aan de algemene jaarvergadering. Deze zal worden gehouden op dinsdag 21 juni 2022 om 14.30 uur in FLANDERS EXPO, Maaltekouter 1 in 9051 Gent. De vergadering zal fysiek plaatsvinden met digitale inbelmogelijkheid via ZOOM.
De gemeenteraad moet het mandaat van zijn vertegenwoordiger herhalen voor elke algemene vergadering en hem mandateren om de agendapunten al dan niet goed te keuren.
In de gemeenteraad van 25 maart 2021 werd raadslid Siebe Ruykens aangeduid als effectief vertegenwoordiger en raadslid Kim Paesmans als plaatsvervanger van de gemeente op de algemene vergaderingen van TMVS dv gedurende de huidige legislatuur.
De aangetekende oproepingsbrief van 5 april 2022 tot de algemene jaarvergadering van TMVS dv van 21 juni 2022 bevat volgende agendapunten:
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, deel 3, titel 3 inzake de intergemeenelijke samenwerking en in het bijzonder op artikel 432, derde lid dat bepaalt dat vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger moet worden herhaald voor elke algemene vergadering.
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, en alle latere wijzgingen.
De statuten van TMVS dv.
Op basis van de ontvangen documenten keurt de gemeenteraad de agendapunten van de algemene jaarvergadering van TMVS dv van 21 juni 2022, bezorgt per aangetekend schrijven van 5 april 2022, goed.
De vertegenwoordiger/plaatsvervanger van de gemeente wordt gemandateerd om op de algemene jaarvergadering van TMVS dv van 21 juni 2022 te handelen en te beslissen conform dit besluit. Indien de algemene vergadering niet geldig zou kunnen beraadslagen of indien deze om welke reden dan ook zou worden verdaagd, dan blijft de vertegenwoordiger/plaatsvervanger van de gemeente gemachtigd om deel te nemen aan elke volgende vergadering met dezelfde agenda.
Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de uitvoering van dit besluit en in het bijzonder met het in kennis stellen daarvan aan TMVS dv p/a Intercommunaal Beheer TMVW, Stropstraat 1 in 9000 Gent of per elektronische post op 20220621AVTMVS@farys.be.
De heer Raimondo Palermo heeft op 1 december 2021 zijn ontslag, met ingang op 31 december 2021, aangeboden als lid van de politieraad. De heer Michel Miedzinski is overeenkomstig de voordrachtsakte van 14 december 2018 de opvolger van de heer Raimondo Palermo voor het mandaat van lid van de politieraad. Aan de gemeenteraad wordt het ontslag van de heer Raimondo Palermo en de aanstelling en eedaflegging van de heer Michel Miedzinski ter kennisgeving voorgelegd.
De politieraad van 23 maart 2022 heeft kennisgenomen van het ontslag van de heer Raimondo Palermo en heeft de aanstelling en eedaflegging van de heer Michel Miedzinski goedgekeurd.
De wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus.
Het koninklijk besluit van 20 december 2000 betreffende de verkiezing in elke gemeenteraad van de leden van de politieraad.
De Ministeriële Omzendbrief van 12 november 2018 betreffende de verkiezing en de installatie van de politieraadsleden van een meergemeentezone.
De beslissing van de gemeenteraad van 3 januari 2019 tot verkiezing van de vertegenwoordigers in de politieraad.
De gemeenteraad neemt er kennis van dat de heer Michel Miedzinski als opvolger van de heer Raimondo Palermo het mandaat van lid van de politieraad van de meergemeentezone Zennevallei opneemt.
Van deze beslissing wordt kennis gegeven aan de voorzitter van de politieraad van de meergemeentezone Zennevallei.
Deze beslissing wordt voor passend gevolg bezorgd aan de deputatie van de provincieraad van Vlaams-Brabant.
In het kader van de opdracht “Aankoop, installatie en programmatie Access points voor wifi in gemeentelijke gebouwen” werd een bestek met nr. 2022-246 opgesteld door de ontwerper.
De uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op € 107.438,02 excl. btw of € 130.000,00 incl. 21% btw.
Er wordt voorgesteld de opdracht te gunnen bij wijze van de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking.
De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.
De wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 42, § 1, 1° a) (de goed te keuren uitgave excl. btw bereikt de drempel van € 140.000,00 niet).
Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 90, 1°.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.
Het bestek met nr. 2022-246 en de raming voor de opdracht “Aankoop, installatie en programmatie Access points voor wifi in gemeentelijke gebouwen”, opgesteld door de ontwerper worden goedgekeurd. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten voor aannemingen van werken, leveringen en diensten. De raming bedraagt € 107.438,02 excl. btw of € 130.000,00 incl. 21% btw.
Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking.
De uitgave voor deze opdracht is voorzien in het investeringsbudget en exploitatiebudget van 2022, op budgetcodes 2410000/01/0119/00 (actie/raming AC000154) en 6130800/01/0119/00 (actie/raming RA300439).
Intradura, met bestuurszetel te 1620 Drogenbos, Dorent 5, heeft een raamcontract voorzien voor de aankoop tijdelijke vaste bewakingscamera’s om in te zetten bij sluikstorten (bestek ID/CAMERAS/2021-2023/GHE-FVR). De opdracht werd gegund aan de firma Rebotec , met bestuurszetel te 9660 Brakel, Herreweg 6. Ze werd georganiseerd via een openbare procedure.
De raamovereenkomst heeft een looptijd van één jaar met ingang van de plaatsing van het eerste order. De opdracht kan evenwel met één jaar verlengd worden aan dezelfde voorwaarden.
Dit raamcontract werd georganiseerd als aankoopcentrale. Dit betekend dat Intradura fungeert als tussenpersoon door het sluiten van raamovereenkomst die door aanbestedende overheden kunnen gebruikt worden. Door toe te treden tot dit raamcontract is de gemeente Sint-Pieters-Leeuw vrijgesteld van de verplichting om zelf een plaatsingsprocedure te organiseren. Na instap ontstaat een contractuele band tussen de gemeente Sint-Pieters-Leeuw en de dienstverlener Rebotec. De gemeente kan dan rechtstreeks en voor eigen rekening opdrachten plaatsen bij Rebotec.
Toetreden tot het raamcontract levert o.a. de volgende voordelen op voor het gemeentebestuur:
Er moet worden benadrukt dat het raamcontract geen exclusiviteitscontract is.
Om vermelde redenen wordt geadviseerd om toe te treden tot dit raamcontract.
De wet d.d. 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies en alle latere wijzigingen. De wet d.d. 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten en alle latere wijzigingen, o.a. artikelen 2, 6°, 8°, 22°, 35°, 36, 43 en 47. Het koninklijk besluit d.d. 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten en van de concessies voor openbare werken en alle latere wijzigingen ('KB Uitvoering'). Het koninklijk besluit d.d. 18 april 2017 inzake plaatsing overheidsopdrachten in de klassieke sectoren en alle latere wijzigingen ('KB Plaatsing'). Het bestek ALL-20-004 met toepassing van de openbare procedure en met als onderwerp “Raamovereenkomst voor het leveren van koffie- en waterautomaten en de bijhorende verbruiksproducten ” als een overheidsopdracht voor diensten zowel Belgisch als Europees gepubliceerd op 11 januari 2021.
Regelgeving: bevoegdheid
Artikel 41 §1 10° van het decreet lokaal bestuur: De volgende bevoegdheden kunnen niet aan het college van burgemeester en schepenen worden toevertrouwd: het vaststellen van de plaatsingsprocedure en het vaststellen van de voorwaarden van overheidsopdrachten, tenzij: a) de opdracht past binnen het begrip 'dagelijks bestuur', vermeld in punt 8°, waarvoor het college van burgemeester en schepenen bevoegd is; b) de raad de plaatsingsprocedure en het vaststellen van de voorwaarden voor die overheidsopdracht nominatief aan het college van burgemeester en schepenen heeft toevertrouwd.
De gemeenteraad gaat akkoord met de aansluiting bij de "raamovereenkomst (bestek ID/CAMRAS/2021-2023/GHE-FVR aankoop tijdelijke vaste bewakingscamera’s om in te zetten bij sluikstorten, waarbij Intradura optreedt als aankoopcentrale, overeenkomstig de lastvoorwaarden zoals voorzien in het bestek.
De gemeenteraad neemt er kennis van dat de "raamovereenkomst aankoop tijdelijke vaste bewakingscamera’s om in te zetten sluikstorten ”, via Intradura, werd toegewezen aan de firma Rebotec, met bestuurszetel te 1620 Drogenbos, Dorent 5.
De looptijd van het raamcontract bedraagt één jaar met ingang van de plaatsing van het eerste order. De opdracht kan evenwel met één jaar verlengd worden aan dezelfde voorwaarden.
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
Toelichting door burgemeester, van dit punt t/m 18.
De afgelopen maanden en jaren werd meermaals nagedacht over een realistisch en duurzaam plan om de drukke doortocht door het centrum van Sint-Pieters-Leeuw leefbaarder en veiliger te maken.
Op de commissie Mens, Samenleving en ruimte van 20 mei 2021 werd de visie/presentatie toegelicht.
Aansluitend organiseerde het gemeentebestuur op 14 juni 2021 een digitaal infomoment voor de bewoners van Sint-Pieters-Leeuw. Aan de inwoners werd gevraagd om hun feedback te geven, zodat het bestuur na inspraak kon overgaan naar een definitieve besluitvorming.
Op de commissie van 10 februari 2022 werden maatregelen voorgesteld voor het plan "Veilig & Leefbaar Leeuw centrum". Dit plan omvat het aanbrengen van fietssuggestiestroken op de Pastorijstraat en Joseph Depauwstraat.
Het huidige dubbelrichtingsfietspad op de J. Depauwstraat voldoet niet aan de inrichtingseisen van het fietsvademecum. Het fietspad is 1m75 breed, tegenover de aanbevolen breedte van 2m50 of breder. Fietsers komen ter hoogte van zijstraten en in- en uitritten uit een onverwachte richting, wat gevaarlijke situaties oplevert. Hetzelfde geldt voor het tweemaal dwarsen van de rijbaan op de fietsoversteekplaatsen. Op de Pastorijstraat ontbreekt het na het verlaten van het aanliggend fietspad aan een duidelijke plaats en zichtbaarheid van de fietser op de rijbaan.
Centrumstraten in een dorpskern, zoals de J. Depauwstraat, hebben meestal een beperkt wegprofiel waardoor het niet mogelijk is om iedere weggebruiker een aparte plaats te geven (voetpaden, fietspaden, parkeerstroken, rijbaan,...). Door het snelheidsregime te verlagen naar 50 km/uur of 30 km/uur, is gemengd verkeer mogelijk (= fietsers op de rijbaan). Op 25 november 2021 keurde de gemeenteraad het aanvullend reglement tot uitbreiding van de zone 30 in centrum Sint-Pieters-Leeuw goed. Het gemengd verkeer kan ondersteund worden d.m.v. fietssuggestiestroken die de positie van de fietser op de rijbaan aangeven. Fietssuggestiestroken (okerkleurig) zorgen voor een optische versmalling van de rijbaan, wat snelheidsremmend werkt voor het gemotoriseerd verkeer.
De dienst mobiliteit stelt voor om fietssugestiestroken aan te brengen op de route J. Depauwstraat - Rink - Pastorijstraat, omdat ze kunnen zorgen voor continuïteit en duidelijkheid op deze route met gemengd verkeer. Ter hoogte van kruispunt Pauwke vinden de fietssuggestiestroken aansluiting bij de fietspaden die aan beide zijden werden aangelegd. Omwille van het erfgoedstatuut van de Rink zullen de fietsuggestiestroken hier niet worden aangebracht.
Samengevat stelt de dienst mobiliteit de volgende maatregelen voor:
Gunstig advies politie Zennevallei en Fietsersbond.
Artikel 159, artikel 162 en artikel 190 van de grondwet.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en alle latere wijzigingen.
Wet van 18 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd bij koninklijk besluit van 16 maart 1968.
Koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg.
Ministerieel besluit van 11 oktober 1976 betreffende de minimum afmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald.
Decreet van 16 mei 2008 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens.
Besluit van de Vlaamse Regering van 23 januari 2009 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens.
Omzendbrief MOB/2009/01 van 3 april 2009 betreffende de gemeentelijke aanvullende reglementen op de politie over het wegverkeer.
Het artikel in het aanvullend verkeersreglement dd. 18/01/1952 betreffende het verplicht gebruik van het fietspad langs de Joseph Depauwstraat wordt opgeheven.
Onderhavig aanvullend verkeersreglement wordt ter kennisgeving overgemaakt aan het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.
Op 28 maart 2022 trad de trajectcontrole op de Brabantsebaan - Postweg, tussen de Baasbergstraat en de rotonde Vijfhoek in werking. Hier wordt controle uitgevoerd op de maximumsnelheid van 50 km/uur.
De sanctionerend ambtenaar van Haviland gaf op dezelfde dag, zijnde 28 maart 2022, aan dat er zich een onregelmatigheid voordoet bij het opmaken van de GAS-boetes, omdat op het traject het snelheidsregime van 50 km/uur via twee verschillende regimes (bebouwde kom en C43 50 km/uur) wordt aangegeven. De trajectcontrole werd dan ook onmiddellijk buiten werking gesteld zodat er geen enkele overtreding kon worden vastgesteld. De politie werd gecontacteerd voor advies.
De politie bevestigde dat doordat er op het tracé twee verschillende regimes gelden, er een probleem kan zijn bij het incrimineren van de overtreding.
Op sommige openbare wegen kan evenwel een lagere of hogere snelheidsbeperking opgelegd of toegelaten worden door het verkeersbord C43.
Naast het probleem van de selectie van de overtreding kan er zich ook een probleem stellen bij het bepalen van het bedrag van de boete. Vanaf 11 km/uur te snel komt er bij overtredingen in de zone 50 km/uur 6 euro per bijkomende km/u bij.
Een oplossing voor deze onregelmatigheid is om de Brabantsebaan niet langer deel te laten uitmaken van de bebouwde kom en op het traject het snelheidsregime 50 km/uur in te stellen middels het verkeersbord C43 "50". De bebouwde kom zal dan starten vanaf de Molenborrestraat. In de praktijk wijzigt er voor de weggebruikers op het vlak van de maximaal toegelaten snelheid niets ten opzichte van de huidige situatie.
Het begin en einde van de wooncluster op de Brabantsebaan zal op een andere manier geaccentueerd worden.
De Nieuwe Gemeentewet 24 juni 1988, artikel 119.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en alle latere wijzigingen.
Wet van 18 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd bij koninklijk besluit van 16 maart 1968.
Koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg.
Ministerieel besluit van 11 oktober 1976 betreffende de minimum afmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald.
Decreet van 16 mei 2008 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens.
Besluit van de Vlaamse Regering van 23 januari 2009 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens.
Omzendbrief MOB/2009/01 van 3 april 2009 betreffende de gemeentelijke aanvullende reglementen op de politie over het wegverkeer.
Opheffingsbepaling:
Het aanvullend verkeersreglement dd. 29 oktober 2019 betreffende het verlagen van de snelheid op de Brabantsebaan van 70 naar 50 km/uur wordt opgeheven.
Op de Brabantsebaan van de Postweg tot de Pepingensesteenweg in beide richtingen geldt: het is verboden voor bestuurders om sneller te rijden dan 50 km per uur.
Deze maatregel wordt ter kennis gebracht door de borden C43 "50".
De verkeerstekens waarvan sprake in dit reglement zullen worden geplaatst overeenkomstig het signalisatieplan van de verkeersdienst van de lokale politie en conform het ministerieel besluit van 11 oktober 1976 waarbij de maximum afmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald.
Dit aanvullende verkeersreglement wordt ter kennisgeving overgemaakt aan het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.
Op 27 mei 2021 besliste de gemeenteraad om het snelheidsregime op de Postweg, tussen rotonde Vijfhoek en de grens met Lennik, te verlagen van 70 naar 50 km/uur.
In kader van de handhaving van de trajectcontrole op de Brabantsebaan, tussen de rotonde Vijfhoek en de Baasbergstraat, wordt de bebouwde kom van Sint-Laureins-Berchem aangepast. De bebouwde kom zal starten vanaf de Molenborrestraat en omvat op die manier niet langer de Oude Postweg.
Daarom wordt voorgesteld om de Oude Postweg op te nemen in de zone 50 die geldt op de Postweg (achter domein Gaasbeek). De snelheid blijft dezelfde als voorheen 50 km/uur, maar wordt met een andere maatregel aangegeven.
De Nieuwe Gemeentewet 24 juni 1988, artikel 119.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en alle latere wijzigingen.
Wet van 18 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd bij koninklijk besluit van 16 maart 1968.
Koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg.
Ministerieel besluit van 11 oktober 1976 betreffende de minimum afmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald.
Decreet van 16 mei 2008 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens.
Besluit van de Vlaamse Regering van 23 januari 2009 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens.
Omzendbrief MOB/2009/01 van 3 april 2009 betreffende de gemeentelijke aanvullende reglementen op de politie over het wegverkeer.
Het aanvullend verkeersreglement dd. 27 mei 2021 betreffende het verlagen van de snelheid op de Postweg van 70 naar 50 km/uur tussen rotonde Vijfhoek en de Oude Postweg/grens Lennik wordt opgeheven.
Verbodsbepaling Postweg - gemeenteweg:
Op de Postweg tussen de Appelboomstraat en de Brabantsebaan in beide richtingen geldt: het is verboden voor bestuurders om sneller te rijden dan 50 km per uur.
Deze maatregel wordt ter kennis gebracht door de borden C43 "50".
Verbodsbepaling - gemeenteweg:
In de zone begrensd door
wordt volgende maatregel met zonale geldigheid ingesteld: Het is verboden voor bestuurders om sneller te rijden dan 50 km/uur. Dit wordt ter kennis gebracht middels het verkeersbord C43 "50" met zonale geldigheid.
De verkeerstekens waarvan sprake in dit reglement zullen worden geplaatst conform het ministerieel besluit van 11 oktober 1976 waarbij de maximum afmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald.
Dit aanvullende verkeersreglement wordt ter kennisgeving overgemaakt aan het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.
Op 28 maart 2022 trad de trajectcontrole op de Brabantsebaan - Postweg, tussen de Baasbergstraat en de rotonde Vijfhoek in werking. Hier wordt controle uitgevoerd op de maximumsnelheid van 50 km/uur.
De sanctionerend ambtenaar van Haviland gaf op dezelfde dag, zijnde 28 maart 2022, aan dat er zich een onregelmatigheid voordoet bij het opmaken van de GAS-boetes, omdat op het traject het snelheidsregime van 50 km/uur via twee verschillende regimes (bebouwde kom en C43 50 km/uur) wordt aangegeven. De trajectcontrole werd dan ook onmiddellijk buiten werking gesteld zodat er geen enkele overtreding kon worden vastgesteld.
De politie bevestigde dat, doordat er op het tracé twee verschillende regimes gelden, er een probleem kan zijn bij het incrimineren van de overtreding.
Op sommige openbare wegen kan evenwel een lagere of hogere snelheidsbeperking opgelegd of toegelaten worden door het verkeersbord C43.
Naast het probleem van de selectie van de overtreding kan er zich ook een probleem stellen bij het bepalen van het bedrag van de boete. Vanaf 11 km/uur te snel komt er bij overtredingen in de zone 50 km/uur 6 euro per bijkomende km/u bij. Bij overtredingen in de bebouwde kom komt er 11 euro per bijkomende km/u bij het basisbedrag van 53 euro.
Een oplossing voor deze onregelmatigheid is om de Brabantsebaan niet langer deel te laten uitmaken van de bebouwde kom en op het traject het snelheidsregime 50 km/uur in te stellen middels het verkeersbord C43 "50". De bebouwde kom zal dan starten vanaf de Molenborrestraat.
Gezien de aanwezigheid van bewoning op de Brabantsebaan, zal het begin en einde van de wooncluster op een andere manier geaccentueerd worden.
De Nieuwe Gemeentewet 24 juni 1988, artikel 119.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en alle latere wijzigingen.
Wet van 18 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd bij koninklijk besluit van 16 maart 1968.
Koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg.
Ministerieel besluit van 11 oktober 1976 betreffende de minimum afmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald.
Decreet van 16 mei 2008 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens.
Besluit van de Vlaamse Regering van 23 januari 2009 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens.
Omzendbrief MOB/2009/01 van 3 april 2009 betreffende de gemeentelijke aanvullende reglementen op de politie over het wegverkeer.
Het aanvullend verkeersreglement dd. 25 april 1996 betreffende de bebouwde kom van Sint-Laureins-Berchem wordt opgeheven.
De verkeersborden F1b en F3b zullen respectievelijk geplaatst worden op iedere invalsweg tot de bebouwde kom "Sint-Laureins-Berchem" en op iedere uitvalsweg van deze kom.
Snelheidsregime Sint-Laureins-Berchem - gemeentewegen:
In het gebied Sint-Laureins-Berchem begrenst door
wordt de bebouwde kom afgebakend. Het begin van de bebouwde kom wordt aangeduid met verkeersbord F1b. Het einde van de bebouwde kom wordt aangeduid met het verkeersbord F3b.
De verkeerstekens waarvan sprake in dit reglement zullen worden geplaatst overeenkomstig het signalisatieplan van de verkeersdienst van de lokale politie en conform het ministerieel besluit van 11 oktober 1976 waarbij de maximum afmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald.
Dit aanvullende verkeersreglement wordt ter kennisgeving overgemaakt aan het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.
In kader van de handhaving van de trajectcontrole op de Brabantsebaan, tussen de rotonde Vijfhoek en de Baasbergstraat, wordt de bebouwde kom van Sint-Laureins-Berchem aangepast. De bebouwde kom zal starten vanaf de Molenborrestraat en omvat op die manier niet langer Hazeveld.
Aangezien de verblijfsfunctie primeert in deze doodlopende straat, wordt voorgesteld om Hazeveld op te nemen in zone 30.
De Nieuwe Gemeentewet 24 juni 1988, artikel 119.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en alle latere wijzigingen.
Wet van 18 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd bij koninklijk besluit van 16 maart 1968.
Koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg.
Ministerieel besluit van 11 oktober 1976 betreffende de minimum afmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald.
Decreet van 16 mei 2008 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens.
Besluit van de Vlaamse Regering van 23 januari 2009 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens.
Omzendbrief MOB/2009/01 van 3 april 2009 betreffende de gemeentelijke aanvullende reglementen op de politie over het wegverkeer.
Verbodsbepaling Hazeveld - gemeenteweg:
In Hazeveld wordt de snelheid beperkt tot 30 km/uur. Het begin en einde van de zone 30 wordt aangeduid met de verkeersborden F4a en F4b.
De verkeerstekens waarvan sprake in dit reglement zullen worden geplaatst overeenkomstig het signalisatieplan van de verkeersdienst van de lokale politie en conform het ministerieel besluit van 11 oktober 1976 waarbij de maximum afmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald.
Dit aanvullende verkeersreglement wordt ter kennisgeving overgemaakt aan het Departement Mobiliteit en Openbare Werken.
Definitief ontwerp werd geoptimaliseerd ten opzichte van de plannen goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 22 februari 2018.
De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.
De wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 36, en meer bepaald artikels 2, 36° en 48 die een gezamenlijke realisatie van de opdracht in naam en voor rekening van meerdere aanbesteders toelaat.
Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.
De raad keurt de geoptimaliseerde ontwerpplannen goed.
Wie een woning in Vlaanderen verhuurt, moet ervoor zorgen dat deze volledig in orde is en voldoet aan bepaalde normen, zoals momenteel opgenomen in artikel 5 van de Vlaamse wooncode. Het conformiteitsattest is een document dat officieel verklaart dat de huurwoning voldoet aan de minimale Vlaamse kwaliteitseisen op het vlak van veiligheid, gezondheid en woningkwaliteit. Dit attest is standaard 10 jaar geldig en kan worden aangevraagd door eigenaar-verhuurders bij de gemeente.
De technisch adviseur van het IGS Woonbeleid Zennevallei is bevoegd voor het uitvoeren van conformiteitsonderzoeken op het grondgebied van de gemeente Sint-Pieters-Leeuw. Tijdens het conformiteitsonderzoek worden de gebreken vastgesteld aan de hand van een technisch verslag, waarvan de vorm wettelijk is vastgelegd.
Middels het gemeentelijk reglement, van toepassing sinds 23 mei 2019, wordt de geldigheidsduur van conformiteitsattesten beperkt afhankelijk van het aantal gebreken, verdeeld over drie categorieën op het technisch verslag, het al dan niet aanwezig zijn van vochtproblematieken en het al dan niet aanwezig zijn van dubbel glas.
Na verdere richtlijnen van de Vlaamse Overheid blijkt dat een woning die voldoet aan een bepaalde energiescore niet dient te voldoen aan de dubbelglasnorm. Het reglement dient om deze reden aangepast te worden.
Elke woning in Vlaanderen moet minimum over dubbele beglazing beschikken. Er wordt voor de beoordeling van de vereiste van dubbele beglazing rekening gehouden met de energiescore van de woning, zoals vermeld op het EPC. Het ontbreken van dubbele beglazing wordt niet als een gebrek aanzien als de energiescore van de woning lager ligt dan de door de Vlaamse regering vastgestelde grenswaarde. Deze grenswaarden zijn:
Bovendien wordt er een onderscheid gemaakt tussen een niet algemeen gebrek (= 1 raam met enkele beglazing) en een algemeen gebrek (= meerdere ramen met enkele beglazing). Een inbreuk op de dubbelglasnorm blijft tot 31 december 2022 een klein gebrek (categorie I). Maar vanaf 1 januari 2023 verstrengt de dubbelglasnorm. Het ontbreken van dubbele beglazing geldt vanaf dan als een gebrek van categorie II en geeft aanleiding tot ongeschiktverklaring als de woning meer dan één raam zonder dubbele beglazing heeft.
Optimalisatiedecreet woningkwaliteit van 20 maart 2019.
Vlaamse Codex Wonen 2021.
Subsidiedossier IGS Woonbeleid Zennevallei 2020-2025.
De gemeenteraad gaat akkoord met de aanpassing van het gemeentelijk reglement inzake de afgifte en het beperken van de geldigheidsduur van conformiteitsattesten.
Toelichting door de burgemeester.
Verdeling stemrecht.
Op 7 februari kregen alle lokale besturen een brief van de Vlaamse minister van Financiën en Begroting, Wonen en Onroerend Erfgoed om criteria voor te stellen voor de verdeling van de stemrechten over de lokale besturen die deel uitmaken van het werkingsgebied van de nieuwe woonmaatschappij.
Elk lokaal bestuur kan een advies verlenen aan de Vlaamse Regering, uiterlijk 13 mei 2022, via een beslissing van de gemeenteraad.
De Vlaamse Regering moet bij de verdeling van de stemrechten in elk geval rekening houden met de volgende twee objectieve criteria:
maar zij kan ook rekening houden met bijkomende criteria die door de gemeenten worden voorgesteld, evenals met het advies van de gemeenten over het gewicht dat aan elk criterium wordt gehecht.
Dit is vastgelegd in de Vlaamse Codex Wonen, die ook bepaalt dat de gemeenten en OCMW’s in het werkingsgebied van de woonmaatschappij samen altijd over meer dan 50% van het totale aantal stemrechten beschikken die verbonden zijn aan de aandelen.
De lokale besturen zijn niet verplicht om bijkomende criteria voor te stellen of zelf een gewicht voor te stellen dat aan de 2 verplichte criteria moet worden gegeven. Bij het ontbreken van een advies wordt ervan uitgegaan dat de lokale besturen akkoord gaat met de keuze van de Vlaamse Regering, die zich in dat geval zal baseren op de 2 criteria met een gewicht van 50% elk.
Op het CBS van Halle, Beersel en Sint-Pieters-leeuw werd reeds een visienota goedgekeurd betreffende de nieuwe woonmaatschappij. Het volgende voorstel werd door deze gemeenten reeds ingediend:
“Voor de verdeling van de stemrechten tussen de lokale besturen zullen de objectieve criteria zoals gecommuniceerd in de omzendbrief van 10/09/2020 betreffende het Vlaams regelgevend – en implementatietraject worden gehanteerd namelijk het gewogen gemiddelde van de volgende drie componenten:
• Het aantal sociale huurwoningen op het grondgebied van het lokaal bestuur (60%)
• Het aantal m² bebouwbare reservegronden op het grondgebied van het lokaal bestuur (10%)
• Het aantal huishoudens op het grondgebied van het lokaal bestuur (30%).”
Op het intergemeentelijk overleg op 25 maart met de 7 gemeenten die zullen toetreden tot de nieuwe woonmaatschappij werd het standpunt verdedigd om de objectieve criteria te hanteren zoals oorspronkelijk gecommuniceerd door Wonen-Vlaanderen, namelijk de drie criteria.
Op basis van deze criteria worden de stemrechten in de algemene vergadering verdeeld tussen de 7 lokale besturen. Deze verdeling wordt ook doorgetrokken naar de vertegenwoordiging in de raad van bestuur van de woonmaatschappij.
Gezien er in de nieuwe woonmaatschappij enkele gemeenten geen bestuurder kunnen afvaardigen in de raad van bestuur bij het hanteren van deze criteria, kunnen deze gemeenten een waarnemer aanstellen met een raadgevende stem. Deze raadgever zal steeds aanwezig kunnen zijn en gehoord kunnen worden op de vergadering van de raad van bestuur van de woonmaatschappij. Dit recht is gelijk aan het hoorrecht van de andere bestuurders.
Indien één van de zeven besturen dit consensus-voorstel niet zou goedkeuren, zal het voorstel van de Vlaamse Regering gevolgd worden, die zich in dat geval zal baseren op de 2 criteria met een gewicht van 50% elk. Echter zonder leden met een raadgevende stem.
De huidige lokale besturen vertegenwoordigd in Woonpunt Zennevallei adviseren dat er van elke gemeente minstens één afgevaardigde deel uitmaakt van het schepencollege en de bevoegdheid heeft over wonen, inclusief de raadgevers. Op deze manier wordt er voort gebouwd op een goede gewoonte aangezien momenteel de lokale besturen vertegenwoordigd in de raad van bestuur van Woonpunt Zennevallei, ook minstens één lid van het college van burgemeester en schepenen afvaardigen. Op die manier worden de beslissingen die genomen worden door de nieuwe woonmaatschappij ook politiek gedragen.
Het besluit van de Vlaamse Regering voorziet dat de gemeente uit het werkingsgebied om een aanpassing van de verdeling van de stemrechten kunnen verzoeken in het eerste jaar dat volgt op de aanstelling van de nieuwe raad van bestuur na gemeenteraadsverkiezingen. Gemeenten die inspanningen leveren om extra sociale woningen op hun grondgebied te realiseren kunnen hierdoor een belangrijke rol toebedeeld krijgen bij de start van een volgende bestuursperiode.
Toewijzingssysteem.
In de nieuwe woonmaatschappij zal er gewerkt worden met een nieuw toewijzingssysteem. Een woning kan worden toegewezen binnen deze 4 pijlers:
1) Standaardtoewijzing
2) Versnelde toewijzing
3) Toewijzing aan specifieke doelgroep
4) Toewijzing naar aanleiding van interne mutaties of bijzondere toewijzingsregels
Binnen de standaardtoewijzing komt er een strengere lokale bindingsvoorwaarde. De kandidaat-huurder dient in de afgelopen 10 jaar minimaal 5 jaar ononderbroken in de gemeente gewoond te hebben om voorrang te genieten. De toewijsraad kan enkel strengere lokale bindingsvoorwaarden opleggen. De voorrangsregels met betrekking tot lokale binding zijn niet van toepassing op de toewijzingen in categorie 2.
Dit wil zeggen dat het huidige cascade systeem niet gehandhaafd kan worden. De meerderheid van de lokale besturen in het werkingsgebied van de woonmaatschappij hebben destijds bewust gekozen voor een gemeentelijk toewijzingsreglement op basis van lokale binding. Het belang en de noodzaak ervan is sindsdien niet afgenomen. Vandaar de oproep om het huidige cascadesysteem te mogen combineren met de nieuwe regel van minimaal 5 jaar (in de laatste 10 jaar) ononderbroken gewoond te hebben in de gemeente. Deze lokale bindingsregels kunnen met elkaar gerijmd worden. Het voordeel van het cascadesysteem is dat de meest kwetsbare onder de kandidaat-huurders ook kunnen genieten van hun sterke lokale binding bij een toewijzing en niet gelijk worden gesteld (zoals in het nieuwe systeem) met kandidaten zonder lokale binding.
In het huidige systeem wordt er achtereenvolgens voorrang gegeven aan (optelsom van domicilie adres kandidaat-huurder):
De sociale huisvestingsmaatschappij en minstens de lokale besturen vertegenwoordigd in haar raad van bestuur, wensen dit cascadesysteem te blijven inzetten. De meest kwetsbare kandidaat-huurders wonen vaak niet onafgebroken in een gemeente (vele verhuisbewegingen en/of ambtshalve schrappingen). Hierdoor komt een groep die altijd in de regio gewoond heeft, maar niet onafgebroken zijn adres had in één gemeente, terecht in de grote groep zonder lokale binding. In het kader van het lokale woonbeleid is dit niet wenselijk. We hopen dan ook dat kandidaat-huurders, ondanks vele verhuisbewegingen, toch in aanmerking komen indien ze een hoge lokale binding hebben met de gemeente. We willen aan de Vlaamse Overheid vragen om rekening te houden met deze bezorgdheid.
Artikel 40 e.v. van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
Het decreet van 9 juli 2021 houdende wijzigingen van diverse decreten met betrekking tot wonen, waarbij een regelgevend kader met betrekking tot de woonmaatschappijen wordt gecreëerd.
De gemeenteraad stelt voor om de stemrechten van de lokale besturen die deel uitmaken van het werkingsgebied in de algemene vergadering van de toekomstige woonmaatschappij te verdelen op basis van volgende criteria en met het hieronder bepaalde gewicht:
Criterium | Bron | Gewicht |
De verhouding tussen het aantal sociale huurwoningen per gemeente | VMSW en Wonen-Vlaanderen (meest recente datareeks) | 60% |
De verhouding tussen het aantal huishoudens per gemeente | Statbel.fgov.be (meest recente datareeks) | 30% |
Het aantal m² bebouwbare reservegronden op het grondgebied van het lokaal bestuur | VMSW en Wonen-Vlaanderen (meest recente datareeks) | 10% |
| Totaal: 100% | |
Toelichting door Veerle Seré.
In 2019 werd gekozen om af te stappen van de klassieke terminologie van personeelsformatie of “kader”, en te spreken voortaan over het personeelsplan.De gemeenteraad hechtte in zitting van 24 oktober 2019 zijn goedkeuring aan het personeelsplan.
Een wijziging van dit personeelsplan is noodzakelijk om meerdere redenen. Per definitie is de personeelsbehoefte immers een dynamisch gegeven, d.w.z. veranderlijk in de tijd. We moeten kunnen inspelen op de omgeving waarin we functioneren en zo soepel mogelijk op nieuwe of evoluerende behoeften kunnen inspelen.
Een actualisatie van het personeelsplan is nodig om te beantwoorden aan algemene maatschappelijke evoluties of wijzigende wet- en regelgeving. Waar mogelijk proberen we ook op evoluties te anticiperen. Nieuwe zaken en opdrachten voor onze diensten dringen zich hierdoor op of worden ons door hogere overheden opgedragen.
Er wordt doelbewust gekozen voor een verdere professionalisering wat inhoudt dat er als dat nodig en wenselijk wordt geacht, voor B- en A-functies wordt gekozen. Daarmee wordt gekozen om goede medewerkers ook de kans te bieden om binnen de eigen organisatie door te stromen of daartoe althans de kans te krijgen, maar garanderen we ons tegelijk van een zo goed mogelijke uitgangspositie op de arbeidsmarkt om onze organisatie maximaal kwalitatief te voeden.
Het VIA6-akkoord voorziet extra middelen voor bijkomende tewerkstelling in de ouderenzorg. Deze middelen worden opgedeeld in twee onderdelen: de middelen "100% RVT" (de transponering van de normen voor zware zorgbehoevenden van RVT naar ROB) en de middelen "Kwaliteit VIA6” (extra personeel voor personen met een D-profiel en de stijging van het bovennormpercentage van 13,5% naar 15%). De vrijgemaakte middelen dienen exclusief te worden besteed aan een uitbreiding van het personeelskader en mogen niet dienen om bijvoorbeeld een verlaging van de dagprijs of een vermindering van het (voor WZC Zilverlinde beperkte) verlies. Indien een woonzorgcentrum al het personeel in dienst heeft om te voldoen aan de stijging van de personeelsnormen, dan kan men de bijkomende middelen wel inzetten voor een uitbreiding van het personeelskader op het vlak van zorgpersoneel of niet-zorgpersoneel.
In het voorjaar 2022 zal het de Viron-gebouw in gebruik kunnen worden genomen, wat gepaard gaat met de integratie van de verschillende vrijetijdsdiensten. Dit vormt aanleiding voor een aanpassing van de vereiste personeelsbezetting.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Het besluit van de Vlaamse Regering van 7 december 2007 houdende de minimale voorwaarden voor de personeelsformatie, de rechtspositieregeling en het mandaatstelsel van o.a. het gemeentepersoneel, en latere wijzigingen.
De beslissing van de gemeenteraad van 11 december 2008 houdende vaststelling van de rechtspositieregeling van het gemeentepersoneel, en alle latere wijzigingen.
De beslissing van de gemeenteraad van 27 april 2017 houdende de vaststelling van het organogram en de personeelsformatie, gewijzigd bij beslissingen van resp. 29 maart 2018, 28 juni 2018 en 24 oktober 2019.
Het huidig voorstel werd positief geadviseerd door het managementteam in vergadering van 29 maart 2022.
Het huidig voorstel werd toegelicht tijdens de gemeenteraadscommissie bestuurlijke en administratieve organisatie van 21 april 2022.
Het protocol van niet akkoord van het Bijzonder Comité van 30 maart 2022.
De gemeenteraad hecht zijn goedkeuring aan het organogram zoals opgenomen in bijlage.
De gemeenteraad hecht zijn goedkeuring aan het personeelsplan, zoals weergegeven in bijlage.
Toelichting door Kathleen D'Herde.
We leven in onze mooie gemeente Sint-Pieters-Leeuw in een heel diverse samenleving. Maar liefst 33,7% van onze inwoners is afkomstig van een niet EU-15* land.
*EU15 = België, Duitsland, Denemarken, Finland, Frankrijk, Griekenland, Ierland, Italië, Luxemburg, Nederland, Oostenrijk, Portugal, Spanje, Verenigd Koninkrijk en Zweden
Dergelijke diversiteit vraagt een specifieke aanpak om het samenleven te bevorderen.
Open Vld Sint-Pieters-Leeuw vroeg reeds in het verleden hier aandacht aan te besteden en er dringend werk van te maken. Maar naast het beloven van studies hierover, zijn we bijna een jaar verder en hebben we nog steeds geen resultaten gezien.
Open Vld Sint-Pieters-Leeuw vraagt daarom een plan van aanpak op te stellen, met concrete actiepunten omtrent deze problematiek.
Aangezien de Vlaamse Overheid hiervoor een subsidie-oproep lanceerde, lijkt het ons aangewezen om er nu echt snel werk van te maken en in te tekenen om bijkomend ondersteuning te ontvangen.
Toelichtingsbrochure_Plan_Samenleven_j9ilmy.pdf (vlaanderen.be)
Daartoe wordt aan de gemeenteraad voorgesteld het volgende te beslissen:
De gemeenteraad van Sint-Pieters-Leeuw vraagt aan het college van burgemeester en schepenen:
De heer Jeroen Tiebout, N-VA, dient namens de meerderheidsfractie een amendement in luidend als volgt:
De oproep voor het plan Samenleven van de Vlaamse Regering, is een oproep die inzet op verschillende domeinen, die allen bijdragen tot het samenleven in een stad of gemeente. Concreet gaat het dan om:
Als gemeentebestuur zetten wij reeds langer dan vandaag in op deze thema’s. Zo hebben we integratiegesprekken voor nieuwkomers, organiseren we zomerscholen en taalstage voor kinderen en tieners, hebben we de buurtwerking 1601, een meldingspunt voor racisme en discriminatie, bezitten we een lokale integrale veiligheidscel en hebben we via de raad voor maatschappelijk welzijn toeleidingsprocessen naar werk, sport, jeugd en vrije tijdsbestedingen in onze gemeente.
Allemaal zaken die vallen onder de verschillende acties die nu door het Plan Samenleven van de Vlaamse Regering worden voorzien van een financiële impuls. Het spreekt dan ook voor zich dat we deze projecten zullen indienen voor extra financiering en hopen op een gunstige behandeling.
Om die reden willen we een het ontwerp van beslissing als volgt amenderen.
De gemeenteraad van Sint-Pieters-Leeuw:
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 21.
Stemming over het amendement en het nieuwe besluit:
Met 18 stemmen voor (Jan Desmeth, Gunther Coppens, Herwig Smeets, Marleen De Kegel, Nicole Billens, Gust Crabbe, Olivier Huygens, Veerle Seré, Jeroen Tiebout, Betty Willems, Kim Paesmans, Bart Keymolen, An Speeckaert, Siebe Ruykens, Wim Peeters, Ann De Ridder, Brahim Harfaoui, Lucien Wauters), 8 stemmen tegen (Jean Cornand, Georgios Karamanis, Lydie De Smet, Michel Miedzinski, Raimondo Palermo, Godefroid Pirsoul, Jeroen Steeman, Eddy Longeval) en 3 onthoudingen (Kathleen D’Herde, Daniel De Maeght, Guy Jonville)
De gemeenteraad van Sint-Pieters-Leeuw:
Toelichting door Eddy Longeval.
Reactie door schepen Olivier Huygens die voorstelt dit punt niet goed te keuren.
Eén van de grote voordelen van de motor en de scooter is dat ze weinig plaats innemen als ze geparkeerd worden. In grote hoofdsteden als Parijs en Londen zijn al lange tijd ruime parkeervakken voor motoren voorzien. In Central-Londen zijn er zowat 6400 motorparkeerplaatsen voorzien. In Parijs zijn er dan weer meer dan 40.000 plaatsen voor motoren en scooters gereserveerd.
Maar meer en meer steden en gemeenten in ons land richten ook speciale parkings in voor motorfietsen en scooters, aangegeven met een ‘P’-bord en een pictogram van een motorfiets. Deze parkeervakken worden vaak voorzien van in de grond verankerde beugels, waaraan de motorfiets of scooter veilig kan worden vastgemaakt.
Als voorbeeld verwijzen we naar de Vlaams-Brabantse gemeente Rotselaar waar (op voorstel van de Vlaams Belang-fractie) op het Kerkplein van Rotselaar-Heikant motorparkeerplaatsen werden ingericht. In Sint-Pieters-Leeuw zijn er helaas nog geen dergelijke plaatsen beschikbaar.
Er dient ook gewezen te worden op het zogenaamde ‘motortoerisme’ – al dan niet in combinatie met de verschillende wandelroutes in onze gemeente -waar ook de middenstand in onze gemeente van kan genieten, indien het voldoende gestimuleerd zou worden.
Het lijkt ons dan ook opportuun om als gemeente de nodige aandacht te besteden aan de noden van de motorrijders – zowel zij die inwoner van de gemeente zijn, als bezoekers en dagjestoeristen van buiten de gemeente.
Concreet, we willen op strategisch gekozen plaatsen in onze gemeente minstens één parkeervak (ruimte voor twee tot drie motoren) voorbehouden aan motorrijders. Daarbij dient er op gelet te worden dat waar mogelijk deze motorparkeerplaatsen dienen te worden voorzien van in de grond verankerde beugels waaraan de bestuurder zijn scooter of motor kan vastmaken.
Als locaties stellen we onder meer voor: het gemeentehuis, Landhuis Viron / Coloma, Merselborre, Wildersportcomplex, Sporthal AJ Braillard en aan het Sociaal Huis in Ruisbroek.
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 21.
De gemeente Sint-Pieters-Leeuw zal motorparkeerplaatsen voorzien:
Deze plaatsen worden aangeduid met een verkeersbord E9i (Parkeren uitsluitend voor motorrijders), en worden voorzien van stevig in de grond verankerde beugels waaraan de motorfiets kan worden vastgemaakt.