Terug
Gepubliceerd op 27/12/2019

2019_RMW_00073 - Invoering tweede pensioenpijler contractanten federaal gefinancierde gezondheidsinstellingen - Beslissing

raad voor maatschappelijk welzijn
do 19/12/2019 - 20:00 Raadzaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Siebe Ruykens, Luc Deconinck, Bart Keymolen, Jan Desmeth, Gunther Coppens, An Speeckaert, Herwig Smeets, Paul Defranc, Marleen De Kegel, Jean Cornand, Annie Mathieu, Kathleen D'Herde, Georgios Karamanis, Lydie De Smet, Eddy Longeval, Michel Miedzinski, Guy Jonville, Nicole Billens, Gust Crabbe, Raimondo Palermo, Godefroid Pirsoul, Ann De Ridder, Brahim Harfaoui, Olivier Huygens, Natacha Martel, Veerle SerĂ©, Jeroen Tiebout, Betty Willems, Jeroen Steeman, Walter Vastiau

Afwezig

Aurore Vanden Meersche

Verontschuldigd

Wim Peeters

Secretaris

Walter Vastiau

Voorzitter

Siebe Ruykens
2019_RMW_00073 - Invoering tweede pensioenpijler contractanten federaal gefinancierde gezondheidsinstellingen - Beslissing 2019_RMW_00073 - Invoering tweede pensioenpijler contractanten federaal gefinancierde gezondheidsinstellingen - Beslissing

Motivering

Aanleiding en motivering

Met ingang vanaf 1 januari 2010 voerde de raad voor maatschappelijk welzijn een aanvullend pensioenstelsel in voor al zijn contractuele personeelsleden uitgezonderd het contractueel aangestelde personeel van de federaal gefinancierde gezondheidsinstellingen en verklaarde zich akkoord met het kaderreglement tweede pensioenpijler contractanten dat op 9 december 2009 op het Vlaamse Comté C1 onderhandeld werd. De pensioentoelage bedraagt sinds 1 januari 2010 1 % van het pensioengevend jaarloon.
De raad voor maatschappelijk welzijn keurde het bestek, opgemaakt door de Federale Pensioendienst/ DIBISS in haar hoedanigheid van opdrachtencentrale, goed en bekrachtigde de gunning door deze dienst aan de tijdelijke handelsvennootschap 'Belfius Insurance - Ethias - lokale contractanten'.

Het contractueel aangestelde personeel van de federaal gefinancierde gezondheidsinstellingen werd in de raadsbeslissing voorlopig uitgesloten van dat aanvullend pensioenstelsel.
Er moest eerst duidelijkheid komen over de uitvoering van het akkoord van 18 juli 2005 betreffende de federale gezondheidssectoren - publieke sector, om te vermijden dat er voor deze sector twee parallelle initiatieven naast elkaar zouden ontstaan.
Deze duidelijkheid is er tot op heden niet.

Met invoering van de wet van 30 maart 2018, kunnen lokale besturen een korting op hun responsabiliseringsbijdrage krijgen wanneer ze een tweede pensioenpijler aan al hun contractueel personeel toekennen die aan de wettelijke voorwaarden voldoet, dus ook het personeel van het woonzorgcentrum, onthaalouders in het werknemersstatuut en het calogpersoneel.

De financiële korting bedraagt ten hoogte de helft van de bijdrage van de 2e pensioenpijler, tot maximum 6 % van de pensioenbijdrage. Deze wordt afgetrokken van de responsabiliseringsbijdrage.

Het contractueel aangestelde personeel van de federaal gefinancierde gezondheidsinstellingen, kan met terugwerkende kracht worden aangesloten bij de groepsverzekering tweede pensioenpijler. Door dit met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2019 te laten ingaan kan het bestuur in 2019 genieten van de financiële korting. En dit zowel voor de betaalde bijdragen van de tweede pensioenpijler voor het OCMW-personeel als voor het gemeentepersoneel.

Het dossier werd gunstig geadviseerd door het vast bureau op 14 oktober 2019 en voorgelegd aan het Bijzonder Onderhandelings- en Overlegcomité op 29 november 2019.

Aan de raad voor maatschappelijk welzijn wordt gevraagd het voorstel van invoering tweede pensioenpijler voor contractueel aangesteld personeel van de federaal gefinancierde gezondheidsinstellingen goed te keuren.

Juridische gronden

De wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten.

Het besluit van de Vlaamse Regering van 12 november 2010 houdende de minimale voorwaarden voor de personeelsformatie en het mandaatstelsel van het personeel van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en houdende de minimale voorwaarden voor sommige aspecten van de rechtspositieregeling van bepaalde personeelsgroepen van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.

De rechtspositieregeling voor bepaalde personeelsgroepen van het OCMW, vastgesteld door de raad voor maatschappelijk welzijn van 16 juni 2011, en alle latere wijzigingen.

Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, en alle latere wijzigingen.

De beslissing van de raad voor maatschappelijk welzijn van 18 oktober 2018 houdende de vaststelling van de personeelsformatie, en alle latere wijzigingen.

De beslissing van de raad voor maatschappelijk welzijn van 18 maart 2010 houdende het aanvullend pensioenstelsel contractanten.

De wet van 30 maart 2018 met betrekking tot het niet in aanmerking nemen van diensten gepresteerd als niet vastbenoemd personeelslid voor een pensioen van de overheidssector, tot wijziging van de individuele responsabilisering van de provinciale en lokale overheden binnen het Gesolidariseerde pensioenfonds, tot aanpassing van de reglementering inzake aanvullende pensioenen, tot wijziging van de modaliteiten van de financiering van het Gesolidariseerde pensioenfonds van de provinciale en plaatselijke besturen en tot bijkomende financiering van het Gesolidariseerde pensioenfonds van de provinciale en plaatselijke besturen.

Het sectoraal akkoord 2008-2013 voor het personeel van de lokale en provinciale besturen, afgesloten in het Vlaamse onderhandelingscomité C1 van 19 november 2008.

De wet van 28 april 2003 betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid.

Het koninklijk besluit van 14 november 2003 tot uitvoering van de wet van 28 april 2003 betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid.

Het koninklijk besluit van 14 november 2003 betreffende de levensverzekeringsactiviteit.

De wet van 25 juni 1992 op de landverzekeringsovereenkomst.

De wet van 24 oktober 2011 betreffende "de hervorming van de financiering van de pensioenen van de vastbenoemde personeelsleden van de provinciale en lokale besturen".

Regelgeving: bevoegdheid

dlb0058

Regelgeving bevoegdheid

Artikel 77-78 van het decreet lokaal bestuur
De raad voor maatschappelijk welzijn is bevoegd op basis van artikel 77-78 van het decreet lokaal bestuur

Besluit

De raad voor maatschappelijk welzijn keurt eenparig het volgende besluit goed.

De raad voor maatschappelijk welzijn beslist:

Artikel 1

De raad voor maatschappelijk welzijn voert een aanvullend pensioenstelsel, toelage van 1 % van het pensioengevend jaarloon, in voor het contractueel aangestelde personeel van de federaal gefinancierde gezondheidsinstellingen. Deze invoering gebeurt zo snel mogelijk en heeft betrekking over het volledige jaar 2019, bijvoorbeeld met de techniek van een inhaaltoelage. Het bestuur overlegt hierover met de pensioeninstelling.